Weesperstraat 402, 1018 DN Amsterdam

020- 4280237
info@amsteloefentherapie.nl

Train lichaam én geest, dat helpt tegen angst en burn-out

Medicijngebruik en arbeidsverzuim van patiënten met stress- en angstklachten dalen spectaculair door psychosomatische oefentherapie. Ook kunnen zij beter omgaan met factoren die hun klachten veroorzaken. Dat blijkt uit wetenschappelijk onderzoek van het Nederlands Paramedisch Instituut.

Psychosomatische oefentherapeuten behandelen stressgerelateerde klachten en onbegrepen pijnklachten met therapeutische gesprekken en cognitieve gedragstherapie. Ook krijgen patiënten ontspannings-, adem- en aandachtstraining en expressieoefeningen, het zogenoemde therapeutisch lichaamswerk.

Wetenschappelijk bewijs. Het onderzoek naar de effecten van de therapie bij patiënten met stressgerelateerde klachten is uitgevoerd op verzoek van het platform Psychosomatische Oefentherapie en de Vereniging van Oefentherapeuten Cesar en Mensendieck. ‘Zij wilden wetenschappelijk bewijs dat deze vorm van therapie daadwerkelijk effectief is’, vertelt onderzoeker Lonneke van Berkel. Aan het onderzoek werkten 146 vrouwen en 37 mannen in de leeftijd van 18 tot 79 jaar mee. Hun klachten: stress, overspannenheid, burn-out en angst- en paniekklachten met hyperventilatie.

Sterk verbeterd. Van Berkel is ‘buitengewoon verrast’ over de resultaten van het onderzoek. ‘Bij alle patiënten waren de klachten na de behandeling afgenomen. Negentig procent gaf aan dat de gezondheidsproblemen sterk waren verbeterd. Drie maanden na de behandeling was dat nog steeds het geval en 81 procent vond dat de resterende klachten zelfs nog verder waren afgenomen. Vooral het feit dat deze verbetering doorzet, biedt handvatten om verder mee te gaan.’

Afname medicijngebruik. Bij de start van het onderzoek naar de effecten van psychosomatische oefentherapie konden 55 patiënten van de groep niet werken. Drie maanden na afloop van de behandeling verzuimden nog acht personen ongeveer de helft van hun normale werktijd. Het medicijngebruik van de groep nam met zestig procent af. Volgens Van Berkel blijkt uit het onderzoek dat de oefentherapie ook zeer geschikt is voor mensen met langdurige stressgerelateerde klachten. Bijna de helft van de onderzoeksgroep had al langer dan zes maanden gezondheidsproblemen en meldde dat behandelingen van andere zorgverleners niet of onvoldoende werkten.

Psyche en lichaam. Enny Versteeg, psychosomatisch oefentherapeut en gastdocent aan Hogeschool Utrecht, is niet verrast over de resultaten van het onderzoek. ‘Voor mij is het een prettige bevestiging. Maar ik ben wel erg blij dat de effectiviteit van deze therapie nu wetenschappelijk bewezen is. Hoewel de medische wereld zich de laatste tijd gelukkig weer meer richt op de wisselwerking tussen psyche en lichaam, kan er nog veel verbeterd worden. We hebben het hier over een hele grote groep patiënten die vaak tussen wal en schip belandt.’

De kern van het probleem. Volgens Versteeg is psychosomatische oefentherapie zo effectief voor deze groep patiënten omdat de kern van het probleem aangepakt wordt. ‘We combineren allerlei verschillende behandelvormen met elkaar. Bijvoorbeeld psycho- educatie, cognitieve gedragstherapie en taakgerichte hulpverlening. Als duidelijk is waar de oorzaak van de klachten zit, kan er vaak met heel praktische en makkelijke oefeningen resultaat geboekt worden.’

Angstklachten en hyperventilatie. Als voorbeeld noemt Versteeg een patiënt die veel last heeft van angstklachten met hyperventilatie omdat het op zijn werk niet lekker gaat. ‘Tijdens de intake zoomen we eerst in op de externe factoren. Waar komt die angst vandaan? Zo kan er sprake zijn van een reorganisatie. Vervolgens bekijken we de interne factoren. Wat doet zo’n reorganisatie met iemand? Raakt hij bijvoorbeeld in paniek omdat hij het gevoel heeft dat hij geen toekomstperspectief heeft? We leren de patiënt om zo beter grip te krijgen op deze angst.’

Eigen kracht. In het behandelplan wordt een lijst gemaakt met energiegevers. Versteeg: ‘Ook bekijken we hoe iemand zich kan ontspannen en waar zijn eigen kracht zit. Met meetinstrumenten stellen we de ernst van de klachten vast. Wat zijn de klachten precies en in welke mate zijn deze psychisch en lichamelijk? Door dit visueel in kaart te brengen, krijgt de patiënt overzicht.’ De oefeningen die daar op volgen, zijn vaak praktisch en eenvoudig. ‘Bij hyperventilatie is dat bijvoorbeeld ademtherapie. Als de patiënt opnieuw in paniek raakt, weet hij precies hoe hij weer rustig kan worden. We geven hen de controle terug, zodat ze op eigen kracht hun klachten kunnen aanpakken.’

Het onderzoek is opgezet en uitgevoerd in de periode 2009-2011 in nauwe samenwerking met NPi als landelijk kenniscentrum paramedische zorg, VvOCM als beroepsvereniging van oefentherapeuten Cesar en Mensendieck en het Platform Psychosomatische Oefentherapie.

© Psy 03-05-2011