Weesperstraat 402, 1018 DN Amsterdam

020- 4280237
info@amsteloefentherapie.nl

Waarom orde en regelmaat tot betere prestaties leiden

Orde en regelmaat zijn de bouwstenen van doorzettingsvermogen. Denise de Ridder, psychologe aan de Universiteit Utrecht en haar collega Roy Baumeister van Florida State University stuiten onlangs op een verband tussen het ontwikkelen van routines en de wilskracht die mensen kunnen opbrengen. Daarbij definieert de Ridder wilskracht als zelfcontrole, oftewel het vermogen om voorgenomen beslissingen uit te voeren in weerwil van verleidingen, zoals winkelen of in de kroeg hangen.

‘Het klinkt misschien ouderwets, maar regelmaat is wel degelijk goed voor je, vooral voor wilskracht', zegt de Ridder. ‘Mensen die op kostscholen hebben gezeten, zeggen vaak: ik vond het er destijds verschrikkelijk, maar ik profiteer bij mijn werk nog steeds van de discipline die ik eraan heb overgehouden.'

De Ridder en Baumeister ontdekten dat mensen die verleidingen gemakkelijk kunnen weerstaan zich in het dagelijks leven onderscheiden door veel gedachteloze handelingen. Dat klinkt wat tegenstrijdig. Je zou denken dat gedisciplineerde types zichzelf voortdurend in toom houden met een ijzeren wil. Maar er bleek iets anders aan de hand te zijn. Personen met veel zelfcontrole zijn goed in het kweken van gewoontes, zoals op gezette tijden opstaan, elke avond gezond eten of regelmatig een rondje hardlopen. Alleen in het begin moeten ze zichzelf daartoe dwingen. Maar na een aantal weken hoeven ze er niet meer bij na te denken. ‘Het is gek', zegt De Ridder. ‘Mensen die veel wilskracht tonen, gebruiken uiteindelijk dus weinig wilskracht. Ze zijn er heel zuinig op.'

Roy Baumeister vergelijkt wilskracht met een spier die snel overbelast kan raken. Als je eerst je best moet doen om van lekker eten af te blijven, heb je daarna minder wilskracht over voor een volgende taak. Je wilskracht kan letterlijk op raken. Regelmaat is de beste manier om dat te voorkomen. In het begin lijkt het misschien onzinnig om je wilskracht te verspillen aan de discipline om elke dag om dezelfde tijd te lunchen of koffie te drinken. Maar na twee of drie weken wordt het routine. Je hoeft dan niet meer bewust de afweging te maken: zal ik nu gaan koffiedrinken, of eerst nog even wat werk doen? In feite spaar je daarmee je wilskracht voor de echt belangrijke zaken. Bijvoorbeeld het moment waarop je nog iets voor je werk moet voorbereiden waar je eigenlijk geen zin in hebt.'

Intermediair - Dennis Rijvis - 16 december 2011, pagina 22 t/m 27.