Weesperstraat 402, 1018 DN Amsterdam

020- 4280237
info@amsteloefentherapie.nl

Indicaties

Hier vindt u een overzicht van de indicaties die onze kinderoefentherapeut behandelt.

Signalen bij baby's

Bij zuigelingen kunnen er al signalen zijn die kunnen wijzen op motorische problemen. Bijvoorbeeld passiviteit, lage spierspanning en weinig kracht, overstrekken, onrust, asymmetrie, moeite met houdingsveranderingen, en eenzijdig bewegen. In veel gevallen zullen de artsen van het consultatiebureau of de huisarts een rol spelen bij het signaleren van een dergelijk probleem. Over het algemeen geldt hoe eerder een kind wordt behandeld hoe geringer de verstoring van de ontwikkeling van het kind.

Voorbeelden van indicaties:

  • Laat of niet behalen van motorische mijlpalen
  • Asymmetrische zuigeling, voorkeurshouding
  • Billenschuiver
  • Cerebrale Parese
  • Pre-dysmature kind

Jonge kinderen

Jonge kinderen die een verkeerde houding of motoriek aanleren kunnen daar veel last van hebben. Lichamelijk, maar ook sociaal doordat ze bijvoorbeeld moeite hebben met spelen. Als kinderen veel vallen en bijvoorbeeld angstig zijn om te klimmen of om te fietsen kan het die activiteiten gaan vermijden. Bij elke leeftijd horen bepaalde vaardigheden die het onder de knie moet krijgen en soms is het gewoon nodig om daar hulp bij te krijgen. Een kind dat ten gevolge van een ziekte of handicap beperkt is in zijn bewegen kan leren omgaan met zijn beperkte mogelijkheden en op een aangepaste manier toch optimaal leren bewegen.

Voorbeelden van indicaties:

  • Motorische ontwikkelingsachterstand
  • Afwijkend looppatroon
  • Cerebrale parese
  • Lage of hoge spierspanning
  • Orthopedische afwijkingen
  • Aangeboren afwijkingen die de motoriek beïnvloeden
  • Ademhalingsproblematiek

Oudere kinderen

Oudere kinderen kunnen motorisch onhandig zijn of houterig bewegen, hun evenwicht verliezen en dingen laten vallen. Ook kan het angstig zijn om te bewegen of een slechte of slappe lichaamshouding hebben. Onhandigheid en onzekerheid over fysieke mogelijkheden kan ervoor zorgen dat een kind moeite heeft om met spel, gym en sport mee te komen met leeftijdsgenoten. Ook stilzitten, schijven of bijbenen van het tempo van de klas kan problemen opleveren. Soms maakt een kind veel bijbewegingen of lijkt minder sterk in zijn motorische ontwikkeling dan zijn klasgenoten. Kortom, bewegingsproblemen kunnen van grote invloed zijn op het welbevinden van een kind en het functioneren binnen een groep.

Voorbeelden van indicaties:

  • Motorische ontwikkelingsachterstand
  • DCD (Developmental Coordination Disorder)
  • Houdingsproblemen
  • Pijnklachten aan het houdings- en bewegingsapparaat
  • Cerebrale parese
  • Sensomotorische problemen
  • Schrijfproblemen
  • Ademhalingsproblematiek
  • Motorische problemen bij ADHD, pervasieve ontwikkelingsstoornissen(ASS, PDD-NOS) en NLD